De industriële revolutie verspreidde zich buiten Groot-Brittannië omdat haar technologische innovaties, zoals gemechaniseerde productie en verbeterd vervoer, zeer winstgevend en aanpasbaar waren aan andere regio’s. De landen in Europa en Noord-Amerika namen deze vorderingen aan om economisch te concurreren, ondersteund door toegang tot middelen, kapitaalinvesteringen en groeiende mondiale handelsnetwerken. Kennisoverdracht via geschoolde werknemers, ingenieurs en industriële spionage speelde ook een sleutelrol, terwijl overheden de industriële groei aanmoedigden om de nationale macht te versterken. Als gevolg daarvan breidde de industrialisatie zich internationaal uit, transformeerde de economie van agrarische naar industriële systemen en veranderde de mondiale productie- en arbeidsstructuren.


Referenties